Pamflet: Vermaninge aan de Kercke Godts, IV

In mijn vorige blogs (Pamflet: Vermaninge aan de Kercke Godts, I-III) heb ik, naast een meer algemeen stuk, een korte beschrijving gegeven van het pamflet - Vermaninge aan de Kercke Godts, die tot Utrecht is, om ghemeenschap der Heyligen te onderhouden in Godt-vruchticheydt, heylicheydt, liefde ende vrede door de eenicheyt des geestes / Franciscus Junius. - Rotterdam, Dirck Lamberse. - 1662. -  Ik stond o.a. stil bij enkele catalogi die dit pamflet hebben opgenomen, de illustraties en de namen van de personen die op het titelblad worden genoemd en het eerste stuk van het pamflet. Ik eindigde met de vraag waarom Junius Jr. de brief van zijn vader, ruim vijfenzeventig jaar eerder geschreven nu in het tweede deel van het pamflet weer opneemt?

Het enige wat ik kan bedenken is dat opnieuw een aanleiding bestond om aandacht te besteden aan een godsdienstig conflict in Utrecht. Maar welk conflict dan?

Misschien dat de tekst, een vertaling dus van een brief die ruim tachtig jaar eerder richting Utrecht werd gestuurd, een tipje van de sluier kan oplichten? Of is het gewoon een herhaling van zetten?


De tekst is eigenlijk in één woord samen te vatten: verdraagzaamheid. Net als zijn vader rond 1580, dus vóór de geboorte van zijn zoon al, meende de verdraagzaamheid te moeten aanduiden, deed Junius Jr. dat in 1662 weer. Niet in zijn eigen woorden, maar met de tekst van zijn vader. Om dat met absolute zekerheid te zeggen moet natuurlijk de oorspronkelijke brief in het Latijn worden bekeken, maar die heb ik niet terug kunnen vinden. Dus in hoeverre Junius Jr. 'vrij' vertaalde is niet te zeggen.

Wel is aangegeven dat de brief richting Utrecht werd gestuurd. In het eerste geval ging het om de onrust veroorzaakt door de standpunten van Duyfhuys [zie Pamflet: Vermaninge aan de Kercke Godts, III] en op het tweede geval kom ik later terug. Laat ik eerst nog iets dieper op de tekst van de brief ingaan in de vorm van wat citaten.

Elkaar niet afbranden: "niet twistende, noch roepende ... maer met een soet windeken ontvonckende".

Denk na: "en dat sy verlost wierden van den strick des duyvels, en weer mochten krijgen gesontheydt des verstants".

Blijf in gesprek: "scheure dan van malkanderen niet ... noch en wijckt van malkanderen" en "de liefde wort door de scheuringen uytgebluscht".

Onderzoekt grondig: "tracht nae malkanders stichtinge sonder twisten en mormureren".

Let op de hoofdzaken: "dewelcke hier in met ons een sijn / hoewel sy misschien in eenige andere dingen in gevoelen van ons verschillen".

Misschien dat ik mag zeggen dat Junius Sr. -en later ook Jr.- gewoon pleiten voor verdraagzaamheid, daarmee ruimte latend van afwijkende -op kleinigheden- meningen, mits de kern van het geloof maar in stand blijft: één lichaam, één geest, één heer, één geloof, één doop, één God en Vader. 

Maar tot wie richtte Junius Jr. zich nu in zijn vertaalde brief?

wordt vervolgd



Comments

Popular posts from this blog

Pamflet: Vermaninge aan de Kercke Godts, I

Pamflet: Vermaninge aan de Kercke Godts, II